
Ik weet dat het niet kan, maar ik ben het stiekem eens met Aob-bestuurder Kircz, die de minister voor domoor uitmaakte.
Bestuurslid van de onderwijsbond Aob Marten Kircz zei wat hij dacht: de minister is een domoor. Marja van Bijsterveldt, zei hij tegen een radio-journalist, mist 'de intellectuele bagage om haar ambt te vervullen'. Kircz, die als leraar meedeed aan de lerarenstaking, verdacht haar ervan iedere ochtend als een kind zo blij voor de spiegel te staan en opgewonden te roepen: 'Ik ben minister, ik ben minister'. Je hoefde geen profeet te zijn om te voorzien dat er snel excuses zouden komen.
Gebrek aan fatsoen
De minister en haar trouwe secondanten Ton Elias (VVD) en Harm Beertema (PVV) eisten een terugtocht. Van Bijsterveldts partijgenoot Jack Biskop vond dat de onderwijsbond een gebrek aan fatsoen tentoonspreidde. Op deze manier hoefde voor hem het contact met de onderwijsbond niet meer. "Op 't schoolplein", twitterde hij, "zou iedere weldenkende docent dit niet accepteren."
Reeds dezelfde dag legde de Aob uit dat het niet ging om de persoon van de minister, maar om de zaak. Een persoonlijke aanval hielp de zaak niet vooruit. Grootmoedig sprak Marja dat daarmee de kous af was.
Aan de borreltafel
Ik weet dat het niet kan, ik weet dat het niet mag: maar ik ben het stiekem eens met Marten Kircz. Thuis, aan de borreltafel, heb ik al gezegd dat die politici niet zo moeten zeuren. Waarom mogen zij wel alles zeggen en met een stuitend dedain over beroepsgroepen praten, en mag een lid van de beroepsgroep vervolgens niet een keer uit zijn slof schieten? Ik mag, thuis aan de borreltafel, graag filosoferen over het intellectuele niveau van de minister en haar secondanten.
Maanden geleden was mijn beroepsgroep hetzelfde lot beschoren als Marten Kircz. De minister had gelezen dat hoogleraren maar een deel van hun tijd besteden aan onderwijs. Dat moest anders! Studenten verdienden beter! De lat omhoog!
Ik vroeg mij af of de minister niet wist dat hoogleraren meer doen dan onderwijs geven (onderzoek, bijvoorbeeld) en dat we niet uit eigen vrije verkiezing met sombere regelmaat een dag besteden aan administratieve rompslomp. Ons in allerlei bochten wringend trachten wij te voldoen aan regels die Den Haag ons oplegt, en besteden we de avonden en weekenden aan onderzoek. Luie wezels, die hoogleraren.
Collega's schreven toen al ingezonden stukjes waarin ze Marja Bijsterveldt voorrekenden dat ze het mis had. Maar ze gaf geen krimp. In Den Haag bleef het stil. 'Het veld' heeft niet dezelfde macht als 'Den Haag' en waar 'Den Haag' wèl hard kan roepen dat er anders niet meer met 'het veld' wordt gepraat, kan 'het veld' weinig anders dan weer gewoon aan het werk gaan.
Gelijk
De Aob-voorzitter heeft gelijk. Marten Kircz' cri de coeur helpt de zaak niet verder. En de twitterende CDA-politici met hun eeuwige gedoe over 'fatsoen' hebben ook gelijk. Op 't schoolplein zou inderdaad iedere weldenkende docent dit niet accepteren.
Maar in gedachten dwaal ik af naar dat schoolplein. Een jongetje heeft ruzie met een meisje. Het meisje loopt het jongetje te sarren: "Luiaard, domoor, je haalt niet eens de cito-toets". Als de leerkracht langs wandelt, schiet het jongetje uit zijn slof: "Vuile trut". Het jongetje krijgt van de leerkracht op zijn kop. Meisje grijnst triomfantelijk. Jongetje (machteloos): "Zij begon".
Ik wil best respect opbrengen voor de dames en heren in Den Haag. Graag zelfs. Maar zouden ze ons, eenvoudige zielen, dat alsjeblieft een beetje makkelijker willen maken?
Deze column verscheen eerder op de website protestant.nl
De Russische overheid heeft deze maand opdracht gegeven voor nieuwe ...
Buitenlandse studenten die na hun studie hier blijven, kunnen Nederland ...
De Amsterdamse universiteiten UvA en VU gaan samenwerken. Het was al ...