Hoe toets je of studenten met Excel functionaliteiten kunnen werken? Vaak leiden bij vraagstellingen meerdere wegen naar Rome, dus hoe test je dan het goede antwoord? Columnist en docent Floris Pronk toont zijn geworstel met een eerste digi-toets.
Wat is dat lastig zeg, om digitaal te toetsen.
Wanneer je een ‘gewoon’ vak geeft, heb ik nog wel een idee waar te beginnen. Maar met een practicum, waarbij je de studenten bepaalde vaardigheden wil bij brengen, is dat wat lastiger. Vind ik.
|
Floris Pronk (30) is docent informatiekunde en ICT-gerelateerde vakken op de opleiding Accountancy aan de Hogeschool Rotterdam. In zijn vrije tijd speelt hij voetbal bij Sparta. Foto: Marieke Wijntjes |
Aangezien ik zelf nogal ongestructureerd kan werken, heb ik dit keer voor een andere aanpak gekozen. Eerst heb ik in kaart gebracht wat de studenten moeten kunnen nadat ze mijn vak hebben gehaald. Het gaat om het vak Audit automation, waarbij het er op neerkomt dat bij de controle gebruik wordt gemaakt van databestanden in Excel. Op deze bestanden worden dan analyses gedaan en deze worden uitgevoerd met behulp van draaitabellen.
Inmiddels zijn er een aantal praktijkopdrachten bijgekomen waar verdere kennis van Excel benodigd is. Het gaat erom dat ze voldoende vaardigheden hebben om problemen op te lossen. Omdat er meerdere wegen naar Rome leiden, maakt dat de digitale toetsing lastiger.
Daarbij komt nog dat ik het beginniveau van de studenten steevast te hoog inschat. Een geneste formule is echt iets voor de whizzkids uit de klas, de rest is er een beetje bang voor.
Dus samengevat:
1. Studenten moeten de analyses kunnen bedenken
2. Studenten moeten deze analyses kunnen uitvoeren
3. Ze moeten kunnen werken met andere Excel functionaliteiten
4. Tenslotte moeten ze met deze functionaliteiten problemen kunnen oplossen.
Het eerste is goed digitaal te toetsen - denk je in eerste instantie. Ga je verder kijken, dan zijn er heel veel mogelijkheden in een bestand om te onderzoeken. Geef je een keuzelijst, dan help je ze - geef je een open vraag, hoe controleer je dit dan? Et cetera.
Lastig, dus nog.
Hoe bepaal je of de studenten vervolgens de analyse kunnen uitvoeren? Dat is makkelijk wanneer je weet welke analyses ze gaan uitvoeren, dan kun je toetsen op de gevonden punten. Hierdoor heb ik ervoor gekozen om een aantal vaste analyses aan te geven en de antwoorden zo te toetsen.
Werken met Excel functionaliteiten. Dan gaat het er wat mij betreft om dat de studenten zelfstandig de juiste formules, filters en dergelijke kunnen bedenken om toe te passen. Omdat er vaak meerdere oplossingen mogelijk zijn, is dit weer lastig te toetsen. Als oplossing heb ik een aantal ‘kleine’ problemen bedacht met, waar nodig, de oplossingsrichting. Dit voor het geval er meer dan één oplossing mogelijk is. Hiermee heb ik direct het laatste punt opgelost.
Nu moet ik een en ander nog gaan uitwerken. Daar ga ik dan de volgende keer mee verder.
Lesgeven is het leukste wat er is. Dat zou je niet altijd zeggen als ...