September 2008. De Telegraaf schrijft over toenemend geweld in de schoolklas, DAG publiceert dat leerlingen onderwijs te makkelijk vinden en journalisten springen massaal op de uitgaven voor het onderwijs in Nederland die achterblijven bij andere landen. Toch zou je met dezelfde bronnen en informatie positief nieuws kunnen brengen.
'Geweld in voortgezet onderwijs stijgt' kopte De Telegraaf onlangs. Men beroept zich in dit artikel op een jaaranalyse van de incidentenregistratie IRIS. Daar moet echter bij worden verteld, dat niet alleen meer scholen registreren, ze gaan ook beter registreren. En wie de oorspronkelijke resultaten erbij pakt, komt met een veel minder sensationeel bericht. 'Het aantal diefstallen daarentegen daalde voor het 3e jaar op rij met 2 procent. Het aantal bedreigingen steeg echter weer licht, terwijl het aantal vernielingen daalde. Het percentage pestincidenten is gelijk gebleven. De incidenten met drugs, seksuele intimidatie en inbraak halveerden, waarmee elk van deze type incidenten uitkomt op 1 procent.'
Theo Bovens, voorzitter van College van bestuur van de Open Universiteit Nederland, vindt de negatieve aandacht voor het onderwijs sterk in contrast staan met wat hij ervaart in het onderwijs. ‘Veel resultaten die nu tot ons komen, zijn van onderzoeken die vroeger niet eens werden gedaan.’ En als er dan toch resultaten bijgehaald moeten worden, is er volgens Bovens positief nieuws te brengen: ‘Nederland staat op de 9e plaats van de PISA, terwijl we het met relatief minder geld redden.’ PISA staat voor Programme for International Student Assessment, een driejaarlijkse peiling op het gebied van natuurwetenschappen, wiskunde en lezen onder leerlingen van 15 jaar in 55 landen.
'De hele wereld verandert, de leerlingen dus ook'
Bovens schreef in zijn weblog
van 20 februari 2008: 'Wat mij het meest stoort is dat de status van het
onderwijs door het negativistisch elkaar napraten van pers, publiek en
politici klap na klap krijgt, terwijl we net een statusverhoging nodig
hebben om bijvoorbeeld het lerarentekort aan te pakken.' Bovens:
‘Natuurlijk moeten we een inhaalslag maken in het onderwijs. Er bestaat op
veel scholen een kloof tussen het management en de docenten. Toch, om me
heen zie ik vooral veel dat wél goed gaat. En vergeet niet: de hele wereld
verandert, de leerlingen dus ook; onderwijs ziet er nu eenmaal anders uit
dan jaren geleden.’
DAG schrijft op 10 september: 'Voortgezet onderwijs is te makkelijk ' De bron voor deze bevinding is een rapport van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt. De enquête is anderhalf jaar na het verlaten van de opleiding afgenomen. In dit zelfde rapport is te lezen hoe in het schooljaar 2006/2007 in totaal 105.000 schoolverlaters én afgestudeerden benaderd zijn. Daar zitten dus ook HBO- en WO-afgestudeerden tussen, niet alleen leerlingen van het vo.
VS: hoog percentage onderwijsgeld komt van private middelen
Bovens: ‘We praten elkaar nog de put in.’ Natuurlijk kent Bovens het
initiatief Beter Onderwijs
Nederland , het platform waar docenten onvermoeibaar discussiëren over
wat er vooral niet deugt in het onderwijs. ‘Tegelijkertijd zijn er ook veel
initiatieven waarbij de deelnemers niet alleen mopperen. Talloze docenten
gaan met elkaar aan de slag voor de ontwikkeling van goed onderwijs.’
De dag voordat Staatssecretaris van Bijsterveldt-Vliegenthart 200 miljoen
extra uittrekt voor de scholen, bericht het ANP nog dat de uitgaven voor het
onderwijs in Nederland achterblijven bij die van “andere landen”. Dat zijn
in dit geval volgens de Organisatie
voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) de ons omringende
landen België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Denemarken
die een vergelijkbaar onderwijssysteem en economische situatie hebben.
Ook heeft men de VS en Japan, de twee rijkste landen ter wereld, in dit
onderzoek meegenomen. In de VS zijn de private bijdragen meer dan de helft
van de totale uitgaven. Privaat betekent hier: eigen geld van de consument,
dus geen overheidsgeld.
Nederlandse leerlingen presteren internationaal goed
In Europa is het pas écht beroerd in Italië. De Italiaanse versie van het
ministerie van OCW, Ministero dell'Istruzione, dell'Università e della
Ricerca heeft pas sinds kort de leerplicht verhoogd van 14 naar 16 jaar
(maar begint pas bij het 6e levensjaar). En de overheidsbemoeienissen zijn
niet van de lucht; een school heeft nauwelijks vrijheid en geld om het
onderwijs in te richten.
De Algemene Onderwijsbond concludeert terecht op basis van het OESO-rapport dat de werkdruk in het Nederlandse onderwijs hoger is dan in de meeste andere landen. Het Ministerie van OCW weet echter uit dat zelfde rapport te destilleren dat in Nederland ruim 50 procent van de 20-24 jarigen deelneemt aan het onderwijs, wat hoger is dan het OESO-gemiddelde van 40 en het EU-gemiddelde van 42 procent. Nederlandse leerlingen presteren in internationaal perspectief goed.
Inspireren
Bovens begrijpt het ongenoegen van een docent die met zijn poten in de modder
staat en elke dag geconfronteerd wordt met het negatieve klimaat in het
onderwijs. ‘Als docent moet je elke dag nog werken aan je ontwikkeling, aan
je professionaliteit. Alleen zo krijg je nieuwe energie. Kijk naar het
ontstaan van kennisbanken op internet, het gebruik van ICT in de klas. En er
is altijd zo’n typisch modelbeeld van de inspirerende geschiedenisleraar die
voor de klas vertelt; maar de leerlingen kunnen ook de docent inspireren.’
EscenicId: 731095
Academici kunnen via een nieuw opleidingsprogramma van overheid en ...
Bijzondere scholen zijn tegen het plan van de minister Van ...
Van alle 157 duizend leerlingen van groep 8 die dit jaar de Citotoets ...
Voor veel islamitisch studenten zijn de plannen om de ...
De universiteiten overleggen over mogelijke alternatieven voor de ...