
Jongeren vinden correct taalgebruik belangrijk, blijkt uit onderzoek. Maar eigenlijk vooral als ze er zelf wat aan hebben.
Jongeren vinden correct taalgebruik heel belangrijk, zo luidt de opgewekte conclusie van een onderzoek (pdf) van de Nationale Jeugdraad, de Nederlandse Taalunie en het Vlaamse Onderwijsblad Maks, waarvan de resultaten maandag werden gepubliceerd. Aan het onderzoek deden 1.783 jongeren mee, zowel uit Nederland als uit Vlaanderen. De gemiddelde leeftijd van de ondervraagde jongeren is 15 jaar.
Een grote meerderheid vindt het belangrijk om goed Nederlands te schrijven en spreken tijdens sollicitaties (96 procent) en spreekbeurten (92 procent).
|
Voorbeelden van sms-taal: bron: smstaal.nl Dushi, Chappen, een overzicht van veelgebruikte straattaal |
‘Blijkbaar’, schrijven de onderzoekers, ‘hechten jongeren veel waarde aan goed Nederlands taalgebruik als ze zichzelf moeten presenteren, en als er ook een beoordeling aan vastzit.’
Minder strikt
Geconfronteerd met échte fouten, zijn de jongeren vaak een stuk minder strikt.
Uit het onderzoek blijkt bijvoorbeeld ook dat 42 procent van de
ondervraagden geen fout ziet in de zin: ‘Is dat jou fiets?’
Ruim één op de vijf ziet ook de dt-fout over het hoofd in: ‘Wordt jij al 18?’ Nog eens 40 procent van de jongeren vindt die laatste fout bovendien ‘niet erg’. Een laatste voorbeeld dan. De overgrote meerderheid van de jongeren weet dat de zin ‘Me moeder kookt vanavond’, niet klopt, maar 36 procent vindt ook deze fout niet erg.
Jongeren hebben vooral een ‘functioneel idee’ over de Nederlandse taal, concluderen de onderzoekers. ‘Ze willen de taal goed gebruiken wanneer ze er belang bij hebben. Als dat er minder toe doet, gaan ze er soepeler mee om.’
Leraar
De leraar is de belangrijkste persoon bij het leren spreken en schrijven van
goed Nederlands (73 procent). Daarna volgen ouders (51 procent) en vrienden
(14 procent). Leraren mogen niet weigeren om een verslag met taalfouten te
corrigeren, vindt 68 procent.
Een andere opvallende uitkomst van het onderzoek, is dat iets meer de helft van de ondervraagde jongeren het Nederlands noemt als belangrijkste taal. Vooral jongeren met niet-Nederlandstalige ouders en meertalige jongeren vinden het Nederlands niet de belangrijkste taal (32 procent). Bijna een kwart van de jongeren (23 procent) denkt zelfs dat het Nederlands geen toekomst heeft.
Zes op de tien jongeren spreken naast het Nederlands ook een andere taal. Meestal gaat het om Engels, Frans (vooral in Vlaanderen) of dialect. Wanneer hen gevraagd wordt welke vreemde taal ze nog zouden willen leren, blijken Spaans, Italiaans, Chinees en Japans favoriet.
Sms en msn
Naast ‘gewoon’ Nederlands gebruiken veel jongeren ook straattaal (53 procent),
Engelse woorden (55 procent), woorden uit een dialect (47 procent), of
verzonnen woorden (32 procent). Bij het schrijven van bijvoorbeeld e-mails
gebruikt 56 procent van de jongeren sms- of msn-taal.
Woorden die niet in het woordenboek staan, gebruiken de jongeren vooral in gesprekken met vrienden, want bijna alle ondervraagden stellen dat zij hun taalgebruik aanpassen in gesprekken met volwassenen. Gesprekken zijn dan formeler en beleefder – bepaalde begroetingen (‘Fawaka!’), scheldwoorden en dialectwoorden laten de jongeren dan achterwege.
EscenicId: 742561
Academici kunnen via een nieuw opleidingsprogramma van overheid en ...
Bijzondere scholen zijn tegen het plan van de minister Van ...
Van alle 157 duizend leerlingen van groep 8 die dit jaar de Citotoets ...
Voor veel islamitisch studenten zijn de plannen om de ...
De universiteiten overleggen over mogelijke alternatieven voor de ...