Lezing scholenbouw: ‘interindividueel vs. sociaal’

21/11/2008

Afgelopen woensdag vond in het Vlaams cultureel centrum De Brakke Grond in Amsterdam een bijeenkomst over scholenbouw plaats. De Vlaamse Bouwmeester, Marcel Smets, heeft gezamenlijk met de Nederlandse Rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol en het College van Rijksadviseurs, Yttje Feddes (landschap), Ton Venhoeven (infrastructuur) en Wim Eggenkamp (cultureel erfgoed), het initiatief genomen om in een reeks lezingen de grenzen te verkennen van elkaars werkzaamheden.

Een middag in de Brakke Grond, Amsterdam. De theaterzaal is voor driekwart gevuld met geïnteresseerden, voornamelijk werkzaam in de architectuur. Directeur Leen Laconte leidt de bijeenkomst in door een de verschillen tussen Nederland en België te duiden. Een grensverkenning vertoont de breuklijn tussen katholiek en calvinistisch, bevlogen vs beredeneerd. Ze haalt hierbij de Vlaamse schrijver Tom Lanoye aan: ‘Het is niet voor niets dat Vlamingen ontvankelijk zijn voor symbolisme, dadaïsme en surrealisme. Nederlanders zijn meer van de strakke kunst, Mondriaan bijvoorbeeld. Magritte met zijn magisch realisme had nooit uit Nederland kunnen komen.’

Zien we die verschillen ook vanmiddag terug? Niet als we af moeten gaan op de lezingen en presentaties die deze middag door enkele Vlamingen worden gehouden. Zelden werd een referaat zo bedeesd en kleurloos gebracht over een onderwerp dat zo interessant kan zijn. Op monotone wijze wordt verteld over de architectuur van een school in Kasterlee of Ninove; het verschil tussen een school in de bossen en een in de stad. Toch is de eerste lezing van de Vlaamse Bouwmeester, Marcel Smets, de moeite waard.

‘Een scholier zit gemiddeld 3000 dagen op school,’ vertelt Smets. ‘Het is vreemd als je bij zo’n groot en verplicht instituut niet voldoende nadenkt over de vormgeving, de lichtval, de luchtcirculatie, de veiligheid en de inrichting van de leerruimtes. De radius van de bewegingsvrijheid van een leerling zónder toezicht van een volwassene is in de afgelopen jaren verkleind van zo’n 30 naar 8 meter.’

Bij de bouw van een gebouw leunt een modern schoolgebouw volgens Smets automatisch op twee gedachten. Aan de ene kant is er de sociale interactie: de school als een plek van samenkomst van personeel, leerlingen en ouders en soms zelfs externe deelnemers (mensen die bijvoorbeeld ruimtes van het gebouw huren), aan de andere kant moet de leerling zich kunnen thuis voelen in een beschutte omgeving, waar hij in alle rust een opgroeitraject kan doorlopen. Smeets: ‘Dat klinkt tegenstrijdig. Interindividueel versus sociaal. Je ontkomt niet aan het idee van een school betrekken in de wijk, als je nagaat dat een school voor een derde deel van de tijd niet wordt gebruikt. Waarom zouden anderen die school dan niet voor andere doeleinden dan onderwijs kunnen gebruiken?’

In Vlaanderen zijn grofweg drie soorten schoolgebouwen te onderscheiden: de voormalige kloosterscholen, de genormaliseerde scholen volgens het boekje met hun laat-modernistische, goed uitgedokterde paviljoenen en dan is er de derde golf: de voorlopige constructies, de tijdelijke containterklassen, omdat scholen almaar uitdijen. Bij dit soort scholen, helaas nog altijd een meerderheid in zowel Vlaanderen als Nederland, ontstaat een situatie waarin gebouw na gebouw wordt aangebouwd, ‘gestapeld’. Waar nog ruimte is, wordt die gebouwd, zonder duidelijke visie. Dat komt het lesklimaat niet ten goede.

In landen als Zwitserland en Denemarken pakt men het meteen grondig aan: een moderne school is niet zelden een compact, samengepakt gebouw waar, volgens Smets sprake is van zowel ‘een juiste akoestiek, luchtcirculatie en energetisch versus intelligente schikking.’ Een duurzaam object met genoeg ruimte en licht, dat dus zowel kan dienen om het individu te ontplooien als om een functie te vervullen voor de directe omgeving.

Voor meer informatie over de inhaaloperatie voor schoolinfrastructuur in Vlaanderen en hoe die met een alternatieve financiering tot stand komt, zie de site van de Vlaamse Bouwmeester.

EscenicId: 733981


Geef je reactie

Je kan een reactie ingeven op een artikel via jouw LinkedIn account.
We vragen je bij een reactie je voornaam, achternaam en functietitel - die tevens automatisch ingeladen zijn vanuit jouw LinkedIn profiel - in te vullen.

Via onderstaande link kan je inloggen met je LinkedIn account.
Aanmelden met je LinkedIn Account

Gerelateerde artikelen

Zoek artikel

Onderwijs Column , Didactiek en onderwijsvernieuw , Voor de klas , Nieuws Onderwijs , Carrièretips Onderwijs , Hoe zit dat?
Services VKbanen Deelsites VKbanen Andere sites van De Persgroep Nederland
© 2012 De Persgroep Nederland. Alle rechten voorbehouden. Lees de gebruiksvoorwaarden.
  • ACAP