
Op de meeste christelijke scholen is het geen probleem, een homoseksuele leraar. En anders stap je op. ‘Er zijn genoeg andere scholen.’
René Venema, docent Nederlands op het Christelijk College Nassau-Veluwe in Harderwijk, aarzelt op de vraag waar hij als samenwonende homoseksueel liever zou lesgeven: op een openbare school in Amsterdam, of op een reformatorische school op de Veluwe.
‘Ik kies toch die laatste’, zegt Venema, zelf lid van Vereniging Contrario voor bijbelgetrouwe homoseksuelen. ‘In Amsterdam word je door veel jongeren en ouders uit multicultigroepen ook niet geaccepteerd. Bij de christelijke school kun je nog hopen dat je op basis van naastenliefde met elkaar in gesprek komt.’
Punt is natuurlijk wel dat juist de reformatorische schoolleiding over arbeidscontract en werkklimaat gaat. Venema, die open is over zijn geaardheid, zegt er geen problemen over te krijgen. ‘Schoolleiding, ouders en kinderen zien het als een gegeven, al zullen sommigen het raar vinden.’
Dubbelleven
Sterker nog: het geeft hem een speciale rol op school. ‘Als vraagbaak voor de
kinderen. Ze willen natuurlijk weten of ik naar de Gay Parade ga en naar
darkrooms. Ik vind het mooi dat ik kan laten zien hoe normaal een homo is.’
Zo is het niet overal. ‘Ik ken collega’s van andere scholen die een dubbelleven leiden, uit angst dat hun geaardheid bekend wordt’, zegt Venema. ‘Niet alleen omdat hun baan op het spel staat, maar vooral om de vrees steeds op je seksualiteit beoordeeld te worden.’
Hij snapt dat scholen op orthodox-christelijke grondslag worstelen met de levenswijze van homoseksuelen. Ze kunnen om die reden zelfs bewust kiezen voor een niet-homoseksuele docent, maar het beëindigen van de arbeidsrelatie omdat een docent een relatie aanging – zoals onlangs op een basisschool in Emst – gaat te ver. ‘Iemand die goed werkt, alleen op dat feit – dat is toch discriminatie.’
Gewetensconflict
De Raad van State kan er blijkens het advies toch begrip voor opbrengen als
scholen de privésfeer meewegen in het oordeel over een aanstelling. Ook Harm
Buurma, remedial teacher op basisscholen in de omgeving van Zutphen gaat
daarin mee. ‘Als iemand bij zijn aanstelling de christelijke grondslag van
de school onderschrijft en later iets doet waarvan hij weet dat dat daarvan
afwijkt, kan dat niet.’
Maar doe je je wezen dan geen geweld aan als je gevoelens hebt die je vanwege je werkplek niet kunt uiten? Buurma, die geen relatie heeft: ‘Als de ouders – eigenlijk de schooleigenaren – een homoseksuele leefwijze afwijzen, en de leerkracht wijkt daarvan af, moet hij niet kinderen en ouders in een gewetensconflict brengen door te willen blijven.’
Vertrekken dus, en nee, dan trekt hij niet aan het kortste eind. ‘Een mannelijke docent kan op zo veel andere christelijke scholen terecht. Die hoeft helemaal niet verstoten en verbitterd weg te gaan.’
|
Wat is het probleem? Scholen met de Bijbel hebben het recht leraren te weren als ze zich niet gedragen volgens de grondslagen van de school. Maar de vraag is wanneer de christelijke scholen homoseksuele leraren mogen weren. De Wet gelijke behandeling verbiedt immers discriminatie op onder meer seksuele geaardheid. Maar scholen met een godsdienstige grondslag mogen daar onder voorwaarden vanaf wijken. De grondwettelijke vrijheid van onderwijs en van godsdienst botst immers met het grondwettelijk verbod op discriminatie. Wanneer mag een leraar dan precies worden ontslagen? Scholen mogen leraren niet ontslaan vanwege het ‘enkele feit’ dat ze homo zijn of een homoseksuele relatie hebben, maar alleen als er ‘bijkomende omstandigheden’ zijn. Volgens de wet Gelijke Behandeling is het ‘enkele feit’ dat iemand homoseksueel is, onvoldoende grond voor ontslag. Maar nooit was precies duidelijk waar de grens dan wel ligt. Het kabinet vroeg om advies aan de Raad van State om deze tegenstelling te overbruggen. Wat oordeelt de Raad van State? Volgens het adviesorgaan hebben het bijzonder onderwijs en kerkgenootschappen inderdaad een grote vrijheid bij het stellen van ‘beroepsvereisten’. Maar eisen over het gedrag van een leerkracht zijn alleen gerechtvaardigd als die liggen in het godsdienstige en levensbeschouwelijke karakter van de school. De eisen moet ‘rechtstreeks aan de functie gerelateerd zijn’, want anders is het discriminatie. Door die formulering expliciet op te nemen, zou de ‘enkele feit-constructie’ kunnen vervallen in de Wet Gelijke Behandeling. Verdwijnt de onduidelijkheid daarmee nu wel? Dat is nog de vraag. PvdA-Kamerlid Timmer vindt het advies vaag en ingewikkeld. Het kabinet reageert nog niet op de Raad van State, want het advies is nog niet openbaar. Hoe ligt het in de coalitie? Uiterst gevoelig. PvdA-minister Plasterk (Onderwijs en Emancipatie) stuurde vorige maand een brief aan alle scholen om te benadrukken dat docenten openlijk mogen uitkomen voor hun seksuele geaardheid. ‘Het enkele feit dat iemand homo is en een homorelatie heeft, daarmee samenwoont danwel getrouwd is, mag geen grond zijn om betrokkene te ontslaan’, zei Plasterk half mei in de Kamer. Maar in het concrete geval van een ontslagen homoleraar gaf Plasterk zelf geen oordeel, maar suggereerde hij dat de vakbond of belangenorganisatie COC de zaak zou kunnen aankaarten bij de Commissie Gelijke Behandeling. Dat heeft het COC inmiddels gedaan. Vicepremier Rouvoet (ChristenUnie) benadrukte in een lezing vooral de onderwijsvrijheid. Volgens Rouvoet mag een minister ‘geen oordeel’ hebben ‘over de grondslag van een school’. Hij vindt dat de non-discriminatiebeginsel even zwaar moet wegen als de godsdienst- en onderwijsvrijheid.’ |
EscenicId: 745200
Academici kunnen via een nieuw opleidingsprogramma van overheid en ...
Bijzondere scholen zijn tegen het plan van de minister Van ...
Van alle 157 duizend leerlingen van groep 8 die dit jaar de Citotoets ...
Voor veel islamitisch studenten zijn de plannen om de ...
De universiteiten overleggen over mogelijke alternatieven voor de ...